1. Home
  2.   MIRT 2012
  3.   Over het MIRT
  4. Leeswijzer

Leeswijzer

Het MIRT Projectenboek 2012 heeft dezelfde opzet als het projectenboek van vorig jaar. Dit betekent dat de gebiedsagenda’s leidend zijn voor de indeling van dit boek: ieder gebied (Noordwest-Nederland, Utrecht, Zuidvleugel, Zuidwestelijke Delta, Brabant, Limburg, Oost-Nederland en Noord-Nederland) heeft zijn eigen hoofdstuk. Deze inleiding wordt afgesloten met een overzicht van de gerealiseerde projecten in 2011. Het eerste hoofdstuk begint met een korte beschrijving van de actuele beleidscontext die relevant is voor de programma’s en projecten van dit boek. Mede daarom is in dit hoofdstuk een overzicht toegevoegd van projecten die zijn gedecentraliseerd en waar het Rijk dus geen directe rol meer heeft. Deze verantwoordelijkheid is overgedragen aan de regio.

Aansluitend wordt een overzicht gegeven van alle nationale programma’s en gebiedsoverstijgende projecten, de lopende nationale MIRT Onderzoeken en algemene informatie over de File Top 50.

De gebiedsteksten van de verschillende hoofdstukken zijn een product van het Rijk en de regio. Tegelijkertijd heeft het Rijk, vooruitlopend op de vaststelling van de SVIR, de voorgenomen rijksprioriteiten zichtbaar gemaakt. In de gebiedskaarten hebben de integrale opgaven met rijksprioriteit een rode kleur, overige opgaven hebben een zwarte kleur. De hoofdstukken beginnen met een gezamenlijke visie op het gebied. Daarna worden de regiospecifieke thema’s benoemd. Aansluitend worden de prioritaire en overige gebiedsopgaven benoemd. De prioritaire gebiedsopgaven lopen gelijk op met de prioriteiten uit de SVIR. Na de gebiedsopgaven volgen de eventuele MIRT onderzoeken van het gebied. Dan volgen twee kaarten: een kaart met de gebiedsopgaven én een kaart met de projecten uit het gebied, waarvan een MIRT projectblad in dit boek staat. Het hoofdstuk wordt afgesloten met de project- en programmabladen.

Het tot stand brengen en beschermen van de (herijkte) Ecologische Hoofdstructuur (EHS) inclusief de Natura 2000 gebieden is een nationaal programma en bestrijkt heel Nederland en niet specifiek 10 | Ministerie van IenM - EL&I - BZK een gebied. Er is dan ook een projectenblad voor opgenomen inclusief bijbehorende kaart in het hoofdstuk Nationaal. Hoewel het Rijk de EHS als prioriteit aanmerkt, wordt het om bovenstaande reden niet in de afzonderlijke gebiedsteksten en gebiedskaart opnieuw beschreven. Het robuust en compleet maken van het hoofdenergienetwerk is ook van toepassing op heel Nederland. Daarom wordt deze Rijksprioriteit niet verder uitgewerkt in de gebiedsteksten en gebiedskaart of in projectbladen.

Het Deltaprogramma omvat verschillende lopende uitvoeringsprogramma’s voor de korte termijn (Hoogwaterbeschermingsprograma, Afsluitdijk, Zwakke schakels, Ruimte voor de rivier, Maaswerken, Zandsuppletie en Zandmotor, Uitvoeringsprogramma Zuidwestelijke Delta). Voor de meeste zijn eigenstandige (nationale) projectbladen en bijbehorende kaarten gemaakt. Voor zover het prioriteiten betreft uit de SVIR is dit opgenomen in de gebiedsteksten en -kaarten, tenzij het om een Nationaal project of programma gaat, omdat hiervoor zelfstandige teksten en kaarten zijn gemaakt in dit boek. Daarnaast zijn er, gericht op de lange termijn, verschillende deelprogramma’s (veiligheid, Zoetwater, Nieuwbouw en Herstructurering, Kust, Waddengebied, IJsselmeergebied, Rijnmond-Drechtsteden, Zuidwestelijke Delta en rivieren). Voor een aantal van deze deelprogramma’s zijn MIRT onderzoeken gestart. Deze onderzoeken zullen tot zogenoemde Deltabeslissingen leiden waarmee zicht komt op concrete samenhangende maatregelen per gebied. Deze zijn er nu nog niet en daarmee ook nog niet meegenomen in de gebiedsteksten en -kaarten. Voor meer informatie: zie het Deltaprogramma 2012. Per gebied zijn de projecten en programma’s opgenomen in de numerieke volgorde van de Rijksbegroting, dus eerst Infrastructuur en Milieu (hoofdstuk XII) en daarna Economische Zaken, Landbouw & Innovatie (hoofdstuk XIII). De projecten die gefinancierd zijn uit het Infrastructuurfonds (hoofdstuk A) zijn verder geordend per begrotingsartikel van het Infrastructuurfonds. Allereerst zijn de waterkeren en waterbeheren projecten opgenomen (artikel 11) vervolgens hoofdwegen (artikel 12), spoorwegen (artikel 13), regionaal/lokaal (artikel 14) en hoofdvaarwegen (artikel 15). Per artikel is voor de leesbaarheid de fase van besluitvorming inzichtelijk gemaakt. Een verkenning heeft een gele kleur, de planstudie een groene kleur, de realisatie een rode kleur en het beheer en onderhoud heeft een blauwe kleur. Besloten is om niet meer de Baten Lasten Dienst-bijdrage (BLD-bijdrage) per project mee te nemen (TK 30119, nr. 4). Op deze manier wordt beter zichtbaar gemaakt wat er netto beschikbaar is voor het betreffende project.

Het projectenboek wordt afgesloten met een hoofdstuk Financiële uitwerking en Bijlagen, met daarin achtereenvolgens een toelichting op het MIRT en de project- en programmabladen, de financiële tabellen van het Infrastructuurfonds en de Voortgangsrapportage Spoedaanpak en Tracéwetprojecten.

Om het vinden van projecten voor de lezer makkelijker te maken, staan projecten die in meerdere gebieden spelen (bijvoorbeeld de Hanzelijn, p. 292) in de inhoudsopgave niet alleen bij het gebied waar het zwaartepunt van verantwoordelijkheid en uitvoering ligt, maar ook bij het aangrenzende gebied. In dat geval staat de projectnaam cursief gedrukt.

MIRT Projectenboek 2012

Hoofdmenu

Servicemenu